Inhoud Npuls

Wil je weten wat Npuls inhoudt? Lees alles over de doelstellingen, het tijdspad, de programmaonderdelen en wat Npuls betekent voor jou als lerende, onderwijsprofessional of je onderwijsinstelling.

Dit zijn de doelstellingen van Npuls

  • We ontwikkelen een instrumentarium, zoals gemeenschappelijke voorzieningen, standaarden, portalen, netwerkvoorzieningen, procesafspraken en implementatieondersteuning, voor het faciliteren van het wendbaar organiseren van het onderwijsaanbod.
  • We ontwikkelen een instrumentarium, met onder anderen standaarden, afspraken, en licentiemodellen, als onderdeel van de sectorale ict-infrastructuur, en implementatieondersteuning voor het sectorbreed flexibel en toegankelijke beschikbaar maken van digitale leermaterialen
  • We faciliteren een sectorbrede samenwerking om de samenhang tussen technische oplossingen die in het onderwijs gebruikt worden te realiseren en te bewaken (een gezamenlijke ict-infrastructuur)
  • We ontwikkelen een werkende en ‘actieve’ kennisinfrastructuur voor het beschikbaar stellen en delen van evidence-informed kennis over digitalisering in het onderwijs
  • We doen onderzoek naar en verzamelen kennis over de mogelijkheden en effecten van digitalisering en digitale transformatie in het onderwijs
  • We ontwikkelen een instrumentarium voor het vergroten van digitale vaardigheden van lerenden en docenten
  • We verkennen samenwerkingsprincipes, kennis en werkwijzen op gebieden die nu en in de toekomst het onderwijs verder kunnen verbeteren

Hoe ziet het tijdspad eruit?

Npuls loopt over een periode van 8 jaar (2023 – 2031). Het bestaat uit een opstartfase, een fase 1 (2023 – 2025) en een fase 2 (2025 – 2031). Zie hieronder hoe het voorlopige tijdspad eruit ziet per jaar.

2022 2023 2024 2025 – 2031
Opstartfase

April:  
Toekenning subsidie Nationaal Groeifonds

April-juni: 
Voorbereiding en inrichting van de kwartiermakersfase

Juli-november:
– Eerste verkenning voor de ict- en kennisinfrastructuur en transformatiehubs door experts in coördinatieteams

December: 
– Werving en aanstelling van een programmadirecteur en voorzitter
– Voorbereiding van de pilothubs
– Concept activiteitenplannen voor programmaonderdelen gereed

Fase 0.5: Verlenging opstartfase

Januari-april:
– Start officiële stuurgroep
– Lancering van de nieuwe naam voor het programma, van Digitaliseringsimpuls Onderwijs naar Npuls
– Verdere voorbereiding van de transformatiehubs, pilothubs, ict-infrastructuur en kennisinfrastructuur door tijdelijke coordinatoren en projectleiders
– Verdere voorbereiding van de regeling voor Centers for Teaching & Learning (CTL’s) en onderzoek door het coördinatieteam Kennisinfrastructuur
– Werving van programmamanagers en aanvoerders voor de verschillende programmaonderdelen
– Opstart van de inrichting van de adviesgroepen met lerenden, docenten en ict-expertise

Fase 1: Uitvoering

Mei-juli:
– Officiële start van het programma
– Start van de uitvoering van een gezamenlijke ict- en kennisinfrastructuur
– Start van transformatiehubs Wendbaar en efficiënt georganiseerd onderwijs en Digitale leermaterialen én pilothubs Studiedata en AI, EdTech en PPS, Nieuwe technologiën & XR, Docentondersteuning.
– Vooraankondiging procedure, criteria en planning voor subsidieregeling Centers for Teaching & Learning (CTL’s)
– Opstarten van onderzoek in de transformatiehubs en in het onderdeel kennisinfrastructuur

September:
– Openstellen ronde 1 aanvraag subsidieregeling CTL’s via subsidieloket

Oktober-november:
–  Indienen van aanvraag voor ronde 1 subsidie voor CTL’s

Februari:
– Toekenning van subsidies (ronde 1) aan onderwijsinstellingen ten behoeve van CTL’s

September-december:
– Opstarten van Centers for Teaching & Learning (die toegekend zijn in ronde 1) in de onderwijsinstellingen
– Openstellen ronde 2 aanvraag subsidieregeling Centers for Teaching & Learning
– Evaluatie van functioneren, samenwerking, samenhang en wendbaarheid van alle onderdelen
– Evaluatie van behaalde resultaten van Fase 1 en van de plannen voor het opstarten van nieuwe transformatiehubs
– Voorbereiding van plan Fase 2 (2025-2030)

Januari 2025:
– Indienen van voorstel voor Fase 2 bij Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en het Groeifonds

Februari 2025:
– Toekenning van subsidies (ronde 2) aan onderwijsinstellingen ten behoeve van Centers for Teaching & Learning

Fase 2 (2025-2031)

In deze fase wordt de organisatie en inrichting van het programma waar nodig aangepast, op basis van de ervaringen en de evaluatie van fase 1.
Na vier jaar en na acht jaar wordt er naast een evaluatie ook een effectmeting uitgevoerd door een extern bureau.

Programmaonderdelen

Dit zijn de programmaonderdelen van Npuls

  • Kennisinfrastructuur: Een gedeelde kennisinfrastructuur speelt een belangrijke rol bij de verspreiding en benutting van kennis in het onderwijs. Zo kunnen we waardevolle inzichten en ervaringen met elkaar delen en evidence-informed te werk gaan bij de digitale transformatie.
  • Ict-infrastructuur: Met een ict-infrastructuur geven we vorm aan het gezamenlijke ict-landschap in het Nederlandse publieke vervolgonderwijs. We bouwen aan een hoogwaardige sectorale ict-infrastuctuur. Hierdoor zorgen we voor een een gemakkelijke en efficiënte samenwerking tussen instellingen onderling en met de arbeidsmarkt, én geven we invulling aan het Leven Lang Ontwikkelen-aanbod
  • Wendbaar en efficiënt georganiseerd onderwijs: Toewerken naar een wendbaar en efficiënt georganiseerd onderwijssysteem. Een systeem waarin op een slimme manier een grote verscheidenheid aan leerwegen faciliteren en snel en adaptief inspelen op wensen van de lerende, de arbeidsmarkt en maatschappelijke transities. Voor zowel de initiële student als de leven lang lerende.
  • Digitale leermaterialen: De transformatiehub Digitale leermaterialen zorgt dat lerenden en docenten toegang hebben tot een voor hen optimale mix aan digitale leermaterialen van zowel open, semi-open én ingekochte leermaterialen.
  • EdTech: De pilothub EdTech zet in op het ontwikkelen van een volwaardig nationaal EdTech ecosysteem. Een ecosysteem waarbinnen onderwijsinstellingen onafhankelijk zijn, vraag en aanbod op elkaar aansluit en EdTech innovaties duurzaam geborgd worden.
  • XR: De impact van XR op het onderwijs is veelbelovend. De pilothub XR zet zich in voor een landelijke ICT- en kennisinfrastructuur, het creëren van XR-content wat tussen instellingen onderling gebruikt kan worden en gezamenlijk randvoorwaarden bepalen om zo instellingen te ondersteunen met de inzet van XR.
  • Studiedata & AI: De pilothub Studiedata en AI wil met het verantwoord gebruik van studiedata de kwaliteit, effectiviteit en efficiëntie van onderwijs(beleid) verbeteren. Zo kunnen lerenden met gepersonaliseerde begeleiding en onderwijs-op-maat soepel hun onderwijs kunnen volgen.

Wat betekent dit voor …

Met Npuls brengen we de sector in beweging. Met die beweging brengen we een transformatie op gang die moet leiden tot een nog betere onderwijssector voor alle betrokkenen.

De lerende

De onderwijssector richt zich op het bieden van onderwijs aan alle lerenden. Dat kan een student zijn die net het voortgezet onderwijs heeft afgesloten, maar ook een werkende die al jaren actief is op de arbeidsmarkt en zich wil bij- of omscholen. Iedereen kan een kwalitatief hoogwaardig en actueel traject volgen dat past bij de eigen behoefte. Dat kan voor de één een leerroute zijn die gericht is op het behalen van een diploma, en voor de ander juist een traject dat aansluit bij een specifiek element uit de beroepscontext.

De opleidingsmogelijkheden, zoals diplomagerichte trajecten, korte trajecten en flexibele keuzemogelijkheden, zijn van wereldklasse en ontwikkelen zich voortdurend. Daardoor is het onderwijsaanbod steeds actueel en divers, en sluit het aan bij de snelle (digitale) ontwikkelingen in de samenleving en op de arbeidsmarkt.

Elke lerende heeft bij het kiezen en volgen van onderwijs eenvoudig inzicht in het onderwijsaanbod dat instellingen verzorgen. Denk daarbij aan opleidingen, delen van opleidingen en losse trajecten. Ook is voor iedereen duidelijk wat de mogelijkheden zijn voor flexibele invulling van het onderwijs. De lerende kan in het onderwijsaanbod makkelijk zoeken en zich eenvoudig aanmelden, en hoeft zich niet te beperken tot het studeren aan een opleiding of één instelling. Daarbij is er geen sprake van administratieve drempels en maken instellingen gebruik van veilig en betrouwbare ict-voorzieningen.

Docenten en begeleiders hebben actuele expertise over (digitale) ontwikkelingen en zijn zelf digitaal vaardig. Zo kunnen ze studenten onderwijs de functionele en kritische digitale vaardigheden aanbieden aan die zij nodig hebben in hun leven en werk.

De onderwijssector is een samenwerkend stelsel van instellingen die leven lang ontwikkelen gezamenlijk faciliteren. Iedereen heeft een persoonlijk leeroverzicht met resultaten die een leven lang worden bijgehouden.

De onderwijsprofessional

De kwaliteit van het onderwijs is in in handen van docenten(teams). Zij zijn inhoudelijk en pedagogisch-didactisch verantwoordelijk voor het ontwikkelen, vernieuwen en verzorgen van het onderwijs, en voor het begeleiden en coachen van lerenden. Zij vernieuwen het onderwijs continu en ze doen dat op basis van kennis uit onderzoek en best practices. We wisselen als sector continue kennis uit over ontwikkelingen in het onderwijs, de arbeidsmarkt en de samenleving.

Docenten krijgen ondersteuning en professionalisering aangeboden via het Center for Teaching and Learning van hun eigen instelling. Zo hebben ze toegang tot het brede kennisnetwerk van mbo-scholen, hogescholen en universiteiten. Deze kennis is effectief, omdat we die in de praktijk van onderwijs, arbeidsmarkt en samenleving met alle betrokken publieke en private partijen ontwikkelen.

Naast docenten zijn ook vele andere professionals onderdeel van de onderwijssector, zoals de professionals zorgen voor de informatiehuishouding, onderwijsorganisatie of bibliotheekvoorzieningen. Ook deze collega’s dragen bij aan samenwerkingen in de sector, die de basis leggen voor oplossingen die in de gehele sector gebruikt kunnen worden.

De instelling

Mbo-scholen, hogescholen en universiteiten zijn zelf verantwoordelijk voor zowel het onderwijs als de onderwijsorganisatie en de inrichting van processen van de eigen instelling.

Met dank aan het werk van de transformatiehubs hebben de instellingen een sterke samenwerking ontwikkeld. Deze samenwerking is verankerd in een sectorbrede kennisinfrastructuur en ict- infrastructuur. Elke instelling voor mbo, hbo en wo neemt op enige wijze deel aan deze infrastructuren.

Elke instelling kan gebruik maken van de kennis die we gezamenlijk als sector ontwikkelen en elke instelling zorgt ervoor dat zij goed is aangesloten binnen de sector. Zo zijn processen in een instelling afgestemd op de sectorbrede processen.

Alle instellingen organiseren zelf de ondersteuning en professionalisering van docenten en medewerkers. Daarbij sluit elke instelling aan bij het sectorbrede nationale kennisinfrastructuur die samenwerking en uitwisseling tussen instellingen faciliteert en zich in die samenwerking steeds doorontwikkelt. Elke instelling heeft een Center for Teaching and Learning die een actieve bijdrage leveren aan de continue professionalisering van docenten.

Een dergelijke nationale infrastructuur is ook gerealiseerd voor de ict-voorzieningen. Elke instelling heeft de eigen ict-infrastructuur aangesloten op een sectorbrede infrastructuur, waarbinnen collectieve voorzieningen aangeboden worden. Denk daarbij aan identiteiten en uitwisseling van gegevens. Deze nationale infrastructuur is een veilige en soevereine infrastructuur die voldoet aan publieke waarden.

Door met elkaar sectorbrede standaarden af te spreken, zorgen we ervoor dat aanpassingen in de eigen instellingsprocessen eenvoudig te realiseren zijn. Zo instellingen makkelijker samenwerkingsverbanden aangaan. Nieuwe ontwikkelingen kunnen snel worden geïntegreerd en marktspelers kunnen makkelijk aansluiten bij de sectorale infrastructuur. Ook is de samenwerking en uitwisseling met het primaire en het voortgezet onderwijs is makkelijk, doordat de sectoren deels een gezamenlijke infrastructuur gebruiken. Ook kunnen we straks op Europees niveau eenvoudig samenwerken. Nederland vervult nog steeds de gidsfunctie op dit gebied.

De sector

Bestuurders zorgen dat hun instelling continue in verbinding staat met de gehele sector. De sectorale infrastructuren voor kennis en ict zijn een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle instellingen, waarbij SURF de realisatie en beheer van de ict-infrastructuur op zich neemt. We hebben afspraken gemaakt over hoe de sectorale kennisinfrastructuur beheerd blijft na afloop van Npuls. De sectorale infrastructuren zorgen dat de sector continue blijft werken aan sectorbrede, noodzakelijke ontwikkelingen, waarmee het onderwijs inspeelt op de eisen van de arbeidsmarkt en samenleving en van hoge kwaliteit is en blijft.

De (rol van de) voorlopers

De (rol van de) voorlopers
Doorpakken op digitalisering en het Versnellingsplan Onderwijsinnovatie met ICT zijn de voorlopers van Npuls. Npuls bouwt voort op de resultaten van beide programma’s. Wat hielden deze programma’s precies in? We lichten het toe. 

Doorpakken op digitalisering
Docenten, stafmedewerkers en bestuurders van mbo-scholen werkten drie jaar lang samen binnen het landelijke programma Doorpakken op Digitalisering (2019-2022) werkten docenten, stafmedewerkers en bestuurders drie lang samen aan digitaliseringsvraagstukken die bijdragen aan nóg beter mbo-onderwijs. De partners van Doorpakken op Digitalisering waren Kennisnet, SURF, MBO Raad, SBB en ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.  

Met alle kennis die is opgedaan in de themateams van Doorpakken op digitalisering en producten die zijn ontwikkeld, kunnen we in het mbo volgende stappen zetten, zodat we blijven doorpakken op digitalisering om het onderwijs toekomstgericht en flexibel te organiseren. Hier kan Npuls op voortbouwen.  

Wil je weten wat het programma heeft opgeleverd? Kijk op Publicatiesdoorpakken.nl, daar vind je alle opbrengsten van Doorpakken op digitalisering.  

Versnellingsplan
39 universiteiten en hogescholen werkten van 2019 tot en met 2022 samen aan kansen die digitalisering biedt voor het hoger onderwijs in Nederland. Het Versnellingsplan was een samenwerking van de Universiteiten van Nederland, Vereniging Hogescholen en SURF.  

In het Versnellingsplan werkten leden samen in tien zones en werkgroepen aan tools, onderzoeken, toolkits, projecten en pilots. Een aantal van die pilots lopen door in Npuls, zoals de pilot Micocredentials, de pilot Studentmobiliteit, Startup in Residence en de pilot edusources. Hier bouwen we in Npuls op voort.   

Met alle kennis die is opgedaan over onderwijsinnovatie in het hoger onderwijs, kunnen we verder binnen Npuls om een impuls te geven aan de digitale transformatie in het hoger onderwijs. Wil je weten wat de zones en werkgroepen in deze vier jaar opleverden? Ga naar www.versnellingsplan.nl of bekijk de infographic met de resultaten van vier jaar innoveren op een rijtje.  

Benieuwd naar de mensen achter het Versnellingsplan, en hoe zij vier jaar versnellen hebben beleefd? Bekijk onze glossy.  

Onderwijs bewegen